Gent is een middeleeuwse stad waar gewoon geleefd wordt. Tussen gildehuizen, kerken en een burcht fietsen studenten naar college. Door het centrum stroomt water: hier komen de Leie en de Schelde samen.
Aan de Graslei en de Korenlei kijk je over de Leie naar een rij historische gevels van gildehuizen en pakhuizen. 's Avonds zitten Gentenaars met een drankje op de kademuur. Een paar straten verder staan de drie torens van Gent op één lijn: de Sint-Niklaaskerk, het Belfort en de Sint-Baafskathedraal. Samen bepalen ze al eeuwen het silhouet van de stad. Midden in de stad ligt het Gravensteen, de burcht van de graven van Vlaanderen, met een slotgracht, kantelen en een weergang waar je over de daken van Gent uitkijkt.
In de Sint-Baafskathedraal staat het Lam Gods van de gebroeders Van Eyck, het veelluik waarvoor kunstliefhebbers van overal naar Gent komen. Voor hedendaagse kunst ga je naar het S.M.A.K. aan het Citadelpark. Op straat zie je de andere kant van de stad: muurschilderingen op gevels en in het Werregarenstraatje, een steegje waar de muren vol graffiti zitten.
Aan tafel eet je Gentse waterzooi, een romige stoofpot van kip of vis met groenten, of stoverij met frietjes. In de bruine kroegen drink je Belgisch bier of een jenever, en in de koffiebars rond de universiteit zitten studenten achter hun laptop. Neem voor onderweg een zakje cuberdons mee, de paarse snoepjes in de vorm van een neus die Gentenaars "neuzekes" noemen.